Van de Koolmees en het Borstlapje

Er schijnt in opdracht van de regering een commissie aan de slag te zijn gegaan om onderzoek te doen naar de situatie op de arbeidsmarkt. Deze commissie staat onder aanvoering van een mijnheer op leeftijd die aan het eind van de vorige eeuw ingrijpende veranderingen heeft doorgevoerd op diezelfde arbeidsmarkt, waardoor wij nu met de ‘gebakken peren’ zitten. Ik vraag mij af waarom zo’n mijnheer een dergelijke taak wederom op zich wil nemen en waarom hij überhaupt gevraagd is daarvoor. Zelf heeft hij nul, nul betrokkenheid meer bij de arbeidsmarkt, zijn kinderen zijn 1,1 keer beter dan de gemiddelde kinderen op de arbeidsmarkt terechtgekomen en zijn kleinkinderen kunnen 2,2 keer méér profiteren van de overgeërfde voordelen. Ze moeten natuurlijk niet omlaag trouwen of relaties aangaan, want dat doorbreekt de opgaande lijn weer. Ik weet overigens niet over mijnheer Borstlap kinderen heeft en dat doet er natuurlijk helemaal niet toe, waar het om gaat is dat er toch beter een intelligent, jong iemand die nog wat te verwachten heeft van de arbeidsmarkt en de nadelen van de huidige situatie kent beter de leiding had kunnen hebben. Het voorstel zou dan ongetwijfeld veel geloofwaardiger overgekomen is, zelfs ongeacht de inhoud.

De commissie heeft hard gewerkt: ze hebben interviews gehad met mensen op de arbeidsmarkt en kwamen tot de conclusie dat er een schrijnende scheefgroei is ontstaan tussen flex en vast. Een scheefgroei die vooral hard aankomt bij de jongere generaties en dat klopt; dat zie ik ook bij de jonge mensen om mij heen. Met of zonder diploma, maar met een hoge studieschuld. Op het moment dat een jongere zonder studieschuld de arbeidsmarkt opkomt, dan komt het wel goed zo lijkt het. In ieder geval in zijn persoonlijke omgeving, want hij of zij had slimme, kapitaalkrachtige en gezonde ouders.

Ik heb wat commentaren op het plan gehoord vanuit verschillende perspectieven, maar niemand sprak over de mensen die nu niet op de arbeidsmarkt zijn, ernaast of eronder zitten. Niemand sprak over de mantelzorgers, al dan niet zelfgekozen, die vastlopen op diezelfde arbeidsmarkt, over de mensen die met hun opleiding niet aan de slag kunnen en gefrustreerd uitwijken naar andere baantjes en over mensen die de hardheid van de arbeidsmarkt niet kunnen verwerken en gehavend op de vluchtstrook belanden. 

Het leven is zoveel meer dan alleen die arbeidsmarkt. Borstlap had zijn stokpaardje naar de finish geleid, want om mensen bij de arbeidsmarkt te houden, was er een ‘ontwikkel-potje’ bedacht, een soort toeslag voor eigen scholing. Je koopt voor een veel te hoog bedrag scholing in en na een jaar blijkt dat je te weinig jezelf geschoold hebt en je krijgt een naheffing. zoiets dus. De mensen die jou scholen varen er wel bij en dat scheefgegroeide onderdeel van de arbeidsmarkt, de verhouding tussen zij die coachen en ontwikkelen en zij die gecoacht en ontwikkeld worden, wordt alleen maar groter.

Niemand heeft mij of mijn buren gevraagd of wie dan ook gevraagd, hoe wij arbeid en inkomen bekijken en of wij misschien niet vinden dat er eens op een andere manier naar deze traditionele uit de hand gelopen dagbesteding kan worden gekeken. Er zijn al zoveel mensen die nadenken over andere vormen van inkomen: basisinkomen is er daar maar één van. Hier heb ik niets over gehoord, ook niet dat de commissie er over gedacht heeft hier iets mee te doen.

Waar ik ook niets over gehoord heb, is over de situatie van de Nederlandse arbeidsmarkt in relatie tot de Europese en mondiale markten. Over de arbeidsmigratie en de diploma- inflatie en over al die andere dingen die maken dat de Nederlandse arbeidsmarkt al lang niet meer zo Nederlands is als wij denken.

Ik heb de site maar eens bezocht. Daar lees ik het volgende uitgangspunt: ‘ Voor een goed werkende arbeidsmarkt zijn regels nodig. Om vraag en aanbod van werk op een zo goed mogelijke manier bij elkaar te brengen. Om te zorgen dat werk de hoogst mogelijke welvaart oplevert voor werkenden, bedrijven en de samenleving. En om te bevorderen dat werkenden worden beschermd tegen werkgerelateerde risico’s.’ Daarin valt op ‘hoogst mogelijke welvaart’ voor werkenden en bescherming tegen ‘werkgerelateerde risico’s’ en dat voor werkenden, bedrijven en samenleving. De laatste twee werken niet, dat is duidelijk. Welvaart alleen voor de werkenden die dan ook nog een maximaal beschermd moeten worden tegen mogelijke risico’s van de dat werken. Een moeder die op straat struikelt over een losliggende stoeptegel heeft duidelijk pech gehad en de oudere zoon die door de scootmobiel van zijn dementerende vader een gebroken voet oploopt eveneens.

En dan een van de conclusies: ‘De Commissie stelt vast dat de huidige regels rondom werk duurzame arbeidsrelaties ontmoedigen en dat de regels bovendien erg complex en onduidelijk zijn. Dat is slecht voor de productiviteit en innovatiekracht van bedrijven, en veroorzaakt (financiële) onzekerheid bij werkenden, en werkenden die niet goed beschermd zijn tegen risico’s rondom werk. Daarnaast oordeelt de Commissie dat niet alle werkenden voldoende mogelijkheden hebben om zich te ontwikkelen tijdens hun werkzame leven, terwijl mensen steeds langer doorwerken en de inhoud van het werk sneller verandert. Ten slotte zorgen de regels onvoldoende voor een arbeidsmarkt waarop alle mensen, ongeacht hun capaciteiten, kunnen meedoen en weer snel aan de slag komen als ze tijdelijk aan de kant staan.’ 

 

Ik heb nog even verder gekeken, maar de commissie is vergeten definities te maken, zo lijkt het. Wanneer is iemand een werkende, wanneer is iets of iemand een bedrijf en wat is nu eigenlijk de samenleving en waag je dan nog maar niet aan het definiëren van de Nederlandse arbeidsmarkt. En dan ondernemerschap? Ik vind mensen die op basis van ruileconomie een redelijk bestaan opbouwen, erg ondernemend. Ik vind mensen die helemaal zelfvoorzienend willen gaan leven buiten de arbeidsmarkt om, mega- ondernemend en mensen die gewoon thuis blijven om kinderen op te voeden op en voor hun ouders zorgen méér dan waardevol ondernemend. Al deze mensen komen niet in aanmerking voor een ontwikkelbudget: ik zou zeggen maak dat onderdeel van een basisinkomen voor iedereen, zorg dat onderwijs, openbaar vervoer en zorg kosteloos is en verander al die leegstaande gebouwen in aardige appartementen voor jonge woningzoekenden met een studieschuld, een flex- contractje of helemaal geen contract en de wens een gezin te stichten. Dat is pas goed voor een duurzame samenleving, die méér is dan arbeidsrelaties.