Een ander woord voor slaaf: lijfeigene

Taalgeleerden breken hun hoofd over een andere term voor slaaf, meervoud slaven. Ik heb wel een alternatief, zo bedacht ik mij na het lezen van een aantal artikelen over het recente onderzoek naar ‘ons’ slavernijverleden. Misschien is de term ‘lijfeigene’ wel een goede uitdrukking. In essentie verschilt de status van een slaaf en lijfeigene niet zoveel van elkaar en werd het tegelijkertijd opgeheven (op papier dan). Helaas voerde Napoleon de slavernij weer heel snel terug in, in Europa. Nare jongen.

Getransporteerd naar de 18e eeuw, het omineuze jaartal 1770, is het misschien een optie om ook nog even te onderzoeken wat de bijdrage van ‘onze’ lijfeigenen aan het bruto BNP van de Republiek is geweest. Ik denk dat wij met die resultaten tot een verbroedering kunnen komen tussen de nazaten van onze slaven en onze lijfeigenen: dan zijn we al een heel eind op weg naar verdraagzaamheid op basis van kennis. Alleen ‘die elite van eigenaren’ moet nog een bocht gaan maken, die voer wel bij elke vorm van horigheid en nog steeds.

Slavernij is natuurlijk ook geen kwestie van alléén huidskleur en komt onder alle volkeren in alle werelddelen voor, nog steeds. Wat na het lezen van ‘White Innocence’ van Gloria Wekker wel als een paal boven water staat, is dat zwart racisme een seksuele component heeft, en wel een hele sterke. Ja, daar heb ik dan even geen antwoord op, behalve het feit dat het recht van de feodale heer een vrouwelijke lijfeigene vóór haar huwelijk als eerste te nemen ook niet vrij van machismo is. Oók dat staat nergens zwart op wit, dat recht: wij noemen dat ook wel ‘ongeschreven rechten’.  Zo moeilijk is het allemaal niet hoor, criticasters van ‘White Innocence’.